Conference League prijzengeld 2026/2027
Het prijzengeld van de Conference League 2026/2027 is begroot op € 285 miljoen vanaf de competitiefase. De startpremie bedraagt € 3,17 miljoen per club. Daarbovenop komen wedstrijdpremies, ranglijstbonussen, eventuele premies voor de knock-outfase en een aandeel uit de waardepilaar. [ref]
Voor Ajax en FC Twente hangt de uiteindelijke opbrengst dus af van hun prestaties en de verdeling van de waardepilaar. Hieronder staan de bedragen per ronde, de kwalificatievergoedingen en het voorlopige betaalschema.
De bedragen volgen UEFA-circulaire 48/2026 van 13 juli 2026. UEFA rekent met geraamde inkomsten; definitieve betalingen en afrondingen kunnen afwijken. Stadioninkomsten, eigen sponsorinkomsten en kosten vallen buiten dit overzicht.
Inhoudsopgave [verbergen]
? min. leestijd | ? woordenVerdeling van UEFA-prijzengeld over Europese voetbalcompetities
Het totale beschikbare bedrag voor distributie aan deelnemende clubs in seizoen 2026/27 bedraagt € 3,317 miljard, waarvan € 2,467 miljard (74,38%) is bestemd voor clubs die deelnemen aan de Champions League en de Super Cup; € 565 miljoen (17,02%) is bestemd voor clubs die deelnemen aan de Europa League; en € 285 miljoen (8,60%) is bestemd voor clubs die deelnemen aan de Conference League.
- Champions League: € 2,467 miljard (74,38%)
- Europa League: € 565 miljoen (17,02%)
- Conference League: € 285 miljoen (8,60%)
Prijzengeld voor de voorrondes van de Conference League
Het totale prijzengeld voor de voorrondes van de drie Europese voetbalcompetities bedraagt € 132 miljoen. Clubs ontvangen een vast bedrag per ronde en een vast bedrag bij uitschakeling (hoe later in de voorrondes, hoe hoger het bedrag).
De basisvergoeding is € 175.000 per gespeelde kwalificatieronde, niet per wedstrijd. Voor clubs die de Conference League-competitiefase bereiken, blijft deze vergoeding voor hun gespeelde kwalificatierondes van toepassing.
Een definitieve uitschakeling uit de Europese kwalificatie vindt plaats in de Conference League. Een overstap uit de Champions League of Europa League is nog geen definitieve uitschakeling. Boven op de rondevergoedingen gelden bij uitschakeling in de Conference League deze bedragen:
- 1e kwalificatieronde: € 150.000
- 2e kwalificatieronde: € 350.000
- 3e kwalificatieronde: € 550.000
- Kwalificatie play-offs: € 750.000
Een landskampioen die geen competitiefase van de Champions League, Europa League of Conference League bereikt, ontvangt daarnaast € 260.000.
Voor andere Europese routes gelden uitzonderingen: deelnemers aan de Champions League-play-offs krijgen geen vaste kwalificatierondevergoedingen. Verliezers van de derde Champions League-voorronde in het niet-kampioenenpad en winnaars van de Europa League-play-offs krijgen geen € 175.000 voor die specifieke ronde, maar wel voor eerdere rondes waarvoor zij in aanmerking komen. [ref]
Rekenvoorbeeld: een club die vanaf de tweede Conference League-voorronde speelt en in de kwalificatieplay-offs wordt uitgeschakeld, krijgt volgens deze bedragen 3 × € 175.000 + € 750.000 = € 1.275.000, exclusief een eventuele landskampioenvergoeding.
Wat levert deelname Ajax en FC Twente op?
Ajax speelde de tweede voorronde, derde voorronde en kwalificatieplay-offs van de Conference League. FC Twente speelde eerst de tweede Europa League-voorronde en daarna de derde Conference League-voorronde en kwalificatieplay-offs. Beide clubs bereikten de competitiefase. [ref]
| Onderdeel | Ajax | FC Twente |
|---|---|---|
| Drie kwalificatierondes | € 525.000 | € 525.000 |
| Startpremie competitiefase | € 3.170.000 | € 3.170.000 |
| Subtotaal volgens UEFA-bedragen | € 3.695.000 | € 3.695.000 |
Dit is een berekening, geen vaststelling van al ontvangen geld. Wedstrijdpremies, ranglijstbonussen en de waardepilaar komen hier nog bij. De definitieve waarde van die onderdelen is nog niet vastgesteld in dit overzicht. Volg de uitslagen en de stand.
Prijzengeld van de Conference League 2026/2027
Het totale prijzengeld van de Conference League 2026/2027 is begroot op € 285 miljoen voor de competitiefase en verder. Deze prijzenpot is als volgt opgebouwd:
- Startpremie: € 114 miljoen (40%)
- Prestatiebeloning: € 114 miljoen (40%)
- Waardepilaar: € 57 miljoen (20%)
Startpremie voor deelname aan de Conference League
De startpremie voor deelname aan de competitiefase van de Conference League bedraagt € 3,17 miljoen per team.
Prestatiebeloning per overwinning en per ronde van de Conference League
De wedstrijdpremies gelden voor de zes wedstrijden in de competitiefase. In de knock-outfase beloont UEFA het bereiken van een ronde; de premie van € 400.000 per overwinning geldt daar niet.
Voor elke overwinning ontvangt het team € 400.000 en voor elk gelijkspel € 133.000. Daarnaast wordt een bedrag van € 133.000 per gelijkspel gereserveerd, en nadien verdeeld op basis van de stand in de competitiefase (zie hieronder).
Teams worden ook beloond voor de stand op de ranglijst. De prijzenpot hiervoor bedraagt in eerste instantie circa € 18,65 miljoen, en wordt verhoogd met het gereserveerde bedrag voor een gelijkspel (zie hierboven). Het totale bedrag wordt verdeeld over de 36 deelnemers en gesplitst in 666 delen (1+2+3+…+35+36). Elk deel bedraagt dus in eerste instantie € 28.000. Het laagste team krijgt 1 deel en het hoogste team 36 delen.
Daar bovenop ontvangen de teams die eindigen op positie 1 t/m 8 een bedrag van € 400.000 en de teams op positie 9 t/m 16 een bedrag van € 200.000.
| Prestatie | Prijzengeld |
|---|---|
| Competitiefase (overwinning) | € 400.000 |
| Competitiefase (gelijkspel) | € 133.000 |
| Per aandeel in de eindranglijst (1 tot 36 aandelen) | Vanaf € 28.000 per aandeel |
| Positie 1-8 | € 400.000 |
| Positie 9-16 | € 200.000 |
| Bereiken knock-out play-offs | € 200.000 |
| Bereiken achtste finales | € 800.000 |
| Bereiken kwartfinales | € 1.300.000 |
| Bereiken halve finales | € 2.500.000 |
| Bereiken finale (beide finalisten) | € 4.000.000 |
| Extra premie voor de winnaar | € 3.000.000 boven op de finalepremie |
De rondepremies tellen op. De winnaar ontvangt € 4 miljoen voor de finale plus € 3 miljoen voor de titel: samen € 7 miljoen voor die twee onderdelen, naast alle eerder opgebouwde premies. [ref]
Voorbeeld ranglijstbonus: de nummer 12 krijgt 25 aandelen, aanvankelijk 25 × € 28.000 = € 700.000, plus de bonus van € 200.000 voor een plaats bij de nummers 9–16. De herverdeling van gelijkspelbedragen komt daar nog bij. Dat staat los van de € 200.000 voor deelname aan de knock-out play-offs.
Waardepilaar voor de Conference League
De waardepilaar voor de Conference League is een combinatie van de voormalige marktpool (marktwaarde per land) en coëfficiënt (individuele clubcoëfficiënten) pilaren. De waardepilaar bestaat uit twee delen, met een totale waarde van € 57 miljoen:
- Europees deel
- Niet-Europees deel
De bedragen die aan de twee delen worden toegewezen, zullen evenredig zijn aan de feitelijke uitkomst van de verkoop van mediarechten voor die competitie in UEFA-markten (Europees deel) en alle andere markten (niet-Europees deel). De verhouding tussen het Europese deel en het niet-Europese deel zal gebaseerd zijn op de contracten die zijn afgesloten met mediamarkten voor de hele cyclus per 1 juli 2024. De verdeling is 73% voor het Europese deel en 27% voor het niet-Europese deel.
Elke club ontvangt het totaal van zijn aandelen in de twee delen.
Europees deel
De landen van de deelnemende clubs worden gerangschikt op basis van de bijdrage van hun binnenlandse uitzenders aan de totale mediabaten voor de hele cyclus in die competitie. Binnen die landenvolgorde worden de clubs gerangschikt op basis van hun Europese deelnames in de afgelopen vijf seizoenen, zoals hieronder uitgelegd.
Als bijvoorbeeld het land dat op de eerste plaats staat in de ranglijst van marktwaarde van mediarechten vier clubs in de competitie heeft, worden de clubs van dat land gerangschikt van 1 tot 4 in de ranglijst van clubmarktwaarde. De posities van deze vier clubs van 1 tot 4 worden bepaald op basis van hun deelname aan de competitiefase of competitiefase van de UEFA-clubcompetities gedurende de afgelopen vijf seizoenen (3 punten voor een seizoen in de UCL, 2 punten voor een seizoen in de UEL, 1 punt voor een seizoen in de UECL). Als het land dat op de tweede plaats staat in de ranglijst van de markt voor deze competitie drie clubs in de competitie heeft, worden de clubs van dat land gerangschikt van 5 tot 7 in de ranglijst van de clubmarktwaarde, enzovoort. Dezelfde procedure wordt toegepast op alle landen en hun clubs tot positie 36.
Er wordt een aparte ranglijst van deelnemende clubs van 1 tot 36 opgesteld op basis van de vijfjarige UEFA-coëfficiëntenranglijst die van toepassing is aan het begin van het seizoen.
De algehele rangschikking van het Europese deel wordt bepaald door het gemiddelde aantal rangschikkingspunten dat door elke club wordt behaald in de twee ranglijsten (hoe lager de punten, hoe hoger de rang). Bijvoorbeeld, de club die op de 4e plaats staat in de clubwaarde-ranking en op de 6e plaats staat in de clubcoëfficiëntenranking, zou een gemiddelde van vijf punten hebben in de cumulatieve ranglijst en zal dienovereenkomstig worden gerangschikt.
Het totale bedrag dat beschikbaar is voor het Europese deel van de waardepijler wordt verdeeld in 666 aandelen (1+2+3+...+35+36). Het laagst gerangschikte team ontvangt één aandeel: circa € 63.000. Aan elk rangnummer wordt één aandeel toegevoegd, waarbij het hoogst gerangschikte team 36 aandelen ontvangt.
Als clubs of landen gelijk zijn in een van de verschillende berekeningen in het Europese deel, worden de volgende criteria toegepast om de rangschikking te bepalen:
- Als de marktwaarde van twee landen gelijk is, wordt de nationale bond die hoger staat in de toegangslijst hoger gerangschikt.
- Als clubs hetzelfde aantal punten hebben binnen hun land voor deelname in de afgelopen vijf seizoenen (3 punten voor UCL, 2 punten voor UEL en 1 punt voor UECL), wordt de berekening seizoen per seizoen uitgebreid door de vorige seizoenen (tot maximaal nog eens vijf seizoenen) totdat een verschil wordt gevonden. Als, na toepassing van dit criterium, de clubs nog steeds gelijk zijn, wordt de club met de hogere rangschikking in het nationale kampioenschap in het meest recente seizoen hoger gerangschikt.
- Als twee clubs gelijk zijn op coëfficiënt, wordt de club met de meeste punten in het meest recente seizoen waarin de twee clubs niet dezelfde coëfficiënt hadden, hoger gerangschikt. Als clubs nog steeds gelijk zijn (bijvoorbeeld twee clubs in dezelfde bond die nooit een UEFA-competitie hebben gespeeld), wordt de club met de hogere nationale kampioenschapsrangschikking in het meest recente seizoen hoger gerangschikt.
- Als twee clubs gelijk zijn in totale rangschikkingspunten, wordt de club die hoger staat in de coëfficiëntenranglijst hoger gerangschikt.
Niet-Europees deel
Het niet-Europese deel wordt verdeeld in elke competitie op basis van de tienjarige UEFA-coëfficiëntenranglijst van de 36 deelnemende clubs. Deze ranglijst zal geen bonuspunten bevatten voor de titels in eerdere UEFA-clubcompetities.
Het totale bedrag dat beschikbaar is voor het niet-Europese deel van de waardepijler wordt verdeeld in 666 aandelen (1+2+3+...+35+36). Het laagst gerangschikte team ontvangt één aandeel: circa € 23.000. Aan elk rangnummer wordt één aandeel toegevoegd, waarbij het hoogst gerangschikte team 36 aandelen ontvangt.
Als twee clubs gelijk zijn qua coëfficiënt, wordt de club met de meeste punten in het meest recente seizoen waarin de twee clubs niet dezelfde coëfficiënt hadden, hoger gerangschikt. Als clubs nog steeds gelijk zijn (bijvoorbeeld twee clubs uit dezelfde bond die nooit een UEFA-competitie hebben gespeeld), wordt de club met de hogere nationale ranglijst in het meest recente seizoen hoger gerangschikt.
De aandelen zijn afgeronde indicaties; UEFA berekent de uitkering op basis van de effectieve bedragen. [ref]
Schema van betalingen van het Conference League prijzengeld
Dit is UEFA’s voorlopige betaalschema voor 2026/2027. Bedragen zijn in miljoenen euro’s en kunnen zijn afgerond. Het overzicht betreft geplande betaaldatums, geen bevestiging van uitgevoerde betalingen. [ref]
| Datum | Type | Bedrag per team | Bedrag totaal |
|---|---|---|---|
| 25-9-2026 | Startpremie deel 1 | 3,05 | 110 |
| 25-9-2026 | Waardepilaar (75%) | Ranglijst | 43 |
| 20-11-2026 | Competitiefase deel 1 | 0 - 1,2 | 22 |
| 15-1-2027 | Competitiefase deel 2 | 0 - 1,2 | 22 |
| 15-1-2027 | Stand ranglijst | Ranglijst | 18 |
| 15-1-2027 | Stand bonus | 0,2 - 0,4 | 5 |
| 26-3-2027 | Knock-out play-offs | 0,2 | 3 |
| 26-3-2027 | Bereiken achtste finales | 0,8 | 13 |
| 14-5-2027 | Bereiken kwartfinales | 1,3 | 10 |
| 14-5-2027 | Bereiken halve finales | 2,5 | 10 |
| 11-6-2027 | Finale | 4 | 8 |
| 11-6-2027 | Winnaar | 3 | 3 |
| 11-6-2027 | Waardepilaar (25%) | Ranglijst | 14 |
| Oktober 2027 | Startpremie deel 2 | 0,12 | 4 |
| Oktober 2027 | Eventueel overschot | Nog niet bekend | Nog niet bekend |
Solidariteitsregeling voor niet-deelnemende clubs aan de Conference League
UEFA reserveert ook geld voor clubs die geen competitiefase van de drie Europese mannentoernooien bereiken. Deze solidariteitsgelden staan los van de prijzenpot van € 285 miljoen voor Conference League-deelnemers. Voor 2026/2027 is € 308 miljoen geraamd. De hieronder beschreven verdelingsregels volgen circulaire 72/2025, waarnaar de circulaire voor 2026/2027 verwijst; de seizoensuitwerking kan nog worden bijgewerkt. [ref]
Het solidariteitsfonds is 7% van de totale geraamde inkomsten, met een maximum van €308 miljoen per jaar.
Het doel van deze regeling is om de kloof tussen grote en kleinere clubs te verkleinen en de competitieve balans binnen Europa te waarborgen. Omdat deelname aan de competitiefases van Europese toernooien vaak aanzienlijke financiële voordelen oplevert, helpt deze regeling om de impact daarvan op nationale competities te beperken.
De fondsen zijn bedoeld om clubs te ondersteunen in het verbeteren van hun sportieve en organisatorische infrastructuur, waardoor ze sterker worden en het Europese voetbal als geheel gezonder blijft. Clubs die in aanmerking willen komen voor deze steun, moeten voldoen aan specifieke licentie-eisen van de UEFA, die stapsgewijs worden ingevoerd.
Verdeling naar nationale bonden
De solidariteitsmiddelen worden verdeeld in twee hoofdcategorieën: de top 5-voetballanden en alle andere landen.
Top 5-landen
De vijf grootste voetbalnaties – Engeland, Spanje, Italië, Duitsland en Frankrijk – ontvangen gezamenlijk €50 miljoen per seizoen in de periode 2024–2027. Dit bedrag wordt gelijk verdeeld, wat neerkomt op €10 miljoen per land per seizoen.
Overige landen
De resterende 50 nationale bonden delen €258 miljoen, gebaseerd op twee criteria:
-
Toegangslijst (70%, €180,6 miljoen)
- Bonden met een club in de Champions League-competitiefase worden eerst gerangschikt, gevolgd door bonden zonder deelnemer. Binnen beide groepen geldt de toegangslijst.
- De bond die onderaan eindigt (positie 50) ontvangt €1,5 miljoen, en hogere posities krijgen telkens €78.000 extra.
- Liechtenstein is een uitzondering omdat het geen nationale competitie heeft en geen club in de Champions League vertegenwoordigt; deze bond blijft op positie 50.
- Daarnaast krijgen landen met een Champions League-deelnemer een extra compensatie van €1 miljoen.
-
Concurrentiebalans (30%, €77,4 miljoen)
- Dit deel van het fonds is gebaseerd op de UEFA-inkomsten van de best verdienende club van iedere betrokken bond.
- De verhouding wordt berekend binnen een virtuele pot met uitsluitend de UEFA-inkomsten van die topverdieners.
- Voorbeeld: Als de best verdienende club van een bond €30 miljoen verdient en dat 4% is van de virtuele pot met de topverdiener van iedere betrokken bond, ontvangt de bond 4% van €77,4 miljoen: circa €3,1 miljoen.
Nationale verdeling van solidariteitsmiddelen
De solidariteitsgelden zijn in eerste instantie bedoeld voor clubs in de hoogste divisie die niet deelnemen aan de competitiefase van Europese toernooien. Clubs die deelnemen aan kwalificatierondes of play-offs kunnen hier ook recht op hebben.
Tweede-divisieclubs kunnen onder specifieke voorwaarden een deel van de middelen uit de toegangslijst ontvangen, maar de concurrentiebalansgelden blijven exclusief voor clubs in de hoogste divisie.
Top 5-landen
De grootste vijf landen hebben volledige vrijheid om een deel van hun solidariteitsfondsen door te geven aan tweede-divisieclubs. Hiervoor is instemming nodig van de clubs in de hoogste divisie via een nationale instantie.
Overige landen
- Bonden met een toegangslijstaandeel van €3,5 miljoen of meer mogen zelf beslissen hoeveel ze aan tweede-divisieclubs toewijzen.
- Bonden met minder dan €3,5 miljoen mogen maximaal 15% van hun aandeel aan tweede-divisieclubs geven.
- In beide gevallen is goedkeuring van minstens 75% van de clubs in de hoogste divisie vereist.
Een bond die eerder in deze cyclus boven de drempel van €3,5 miljoen zat en meer dan 15% toekende aan tweededivisieclubs, mag die afspraak bij een latere daling voortzetten tot maximaal 50% van het toegangslijstaandeel.
Belangrijke voorwaarden:
- De middelen die naar tweede-divisieclubs gaan, moeten gelijk verdeeld worden over de clubs die hiervoor in aanmerking komen.
- Alleen clubs die voldoen aan de UEFA-licentiecriteria ontvangen betalingen. Bedragen voor tweededivisieclubs die niet voldoen, gaan terug naar de verdeling onder de in aanmerking komende clubs in de hoogste divisie. Beloftenteams van clubs uit de hoogste divisie komen niet in aanmerking.
In 2026/2027 gelden aanvullende licentiecriteria, onder meer voor jaarrekeningen, trainingsfaciliteiten, duurzaamheid, supporterscontact en vrouwenvoetbal. De nationale licentiegever beoordeelt of een club aan de voorwaarden voldoet. [ref]
Conference League prijzengeld veel gestelde vragen (FAQ)
Wat is het prijzengeld voor deelname aan de Conference League?
Het prijzengeld voor deelname aan de competitiefase van de Conference League is € 3,17 miljoen per club.
Hoeveel prijzengeld krijgt de winnaar van de Conference League?
De winnaar krijgt € 4 miljoen voor het bereiken van de finale en € 3 miljoen extra voor de titel. Die € 7 miljoen is niet de totale toernooiopbrengst: eerdere rondepremies, startgeld, wedstrijdpremies, ranglijstbonussen en de waardepilaar komen erbij.
Wat is de totale prijzenpot van de Conference League?
Voor de Conference League 2026/2027 is vanaf de competitiefase € 285 miljoen begroot. Kwalificatievergoedingen en solidariteitsgelden komen uit afzonderlijke UEFA-potten.
Referenties
[verbergen]Reageren op dit artikel
Heb je een aanvulling, vraag of opmerking over dit artikel? Deel hieronder je reactie en help andere bezoekers met relevante en betrouwbare informatie.
Plaats je reactie
Reacties worden gecontroleerd op spam, beledigende inhoud en feitelijke onjuistheden. Reacties geven de mening van bezoekers weer en vormen geen redactionele broninformatie.
Deel dit artikel
Deel dit bericht via social media met je familie, vrienden en collega's!
Bekijk het Conference League prijzengeld 2026/2027: € 3,17 miljoen startpremie, bonussen per ronde, inkomsten voor Ajax en FC Twente en het betaalschema.
Over de auteur
Deze pagina is samengesteld door Patrick de Graaf. Ik volg Europese voetbaltoernooien al jarenlang actief en update deze website specifiek voor de Conference League. De site is sinds 2021 actief en maakt deel uit van een breder netwerk van voetbalwebsites.
Kerninformatie zoals speelschema’s en standen wordt gebaseerd op officiële publicaties van UEFA en andere primaire bronnen. Pagina’s worden aangepast zodra nieuwe informatie beschikbaar komt of wijzigingen officieel worden bevestigd.
